Een hophof op Zuid

Op Zuid zijn afgelopen week hopstaken gezet, 7 meter lange boomstammen van essen die omgezaagd moesten worden ivm de essentaksterfte. Deze stammen gaan 1 meter de grond in en worden op de grens van aarde en lucht gebrand om rotting tegen te gaan, zoals men vroeger deed. Vandaag is de hop (Humulus lupulus) gezet met leidraden waarlangs ze zullen gaan klimmen. In het filmpje legt initiator Ronald van den Ende het precies uit.

De palen voor de hophof staan

Hoe kwam het zo? Weet je nog dat we vorig jaar op het Liniepadfestival stonden met een promotiekraam? Toen stonden we naast de brouwers en van het één kwam het ander! Daarom voor jou een (best wel uitgebreid) verhaal over bier:

6000 jaar voor Christus werd er al bier gebrouwen, de Egyptenaren hadden staatsbrouwerijen en bier werd uit gouden bekers gedronken, de Romeinen hielden ook van bier, maar vanaf de Middeleeuwen werd het algemener. Duitsland was de uitvinder van het flessenbier en de pilsener kwam in 1840 op de markt, genoemd naar de stad Plzeň in Tsjechie, waar de volksnaam pils vandaan komt. Wist je trouwens dat Freddie Heineken heeft bedacht dat er twee vingers schuim op een glas bier horen? Wat een goeie verkooptruc was dat, hij verkocht 2 vingers lucht en dat is in diverse landen overgenomen.

Hopplantjes worden gezet

Tijdens het grootste deel van de Middeleeuwen was (vrouwelijke) gagel het belangrijkste bierkruid in heel Noord-Europa. Ook in Brabant was het destijds het hoofdbestanddel van gruit, een kruidenmengsel dat voor de smaak en houdbaarheid van bier zorgde. Dat gruit werd verkocht door de gruidenier, deze inde ook belastingen op het gruit voor de heren van de stad.
Er gingen ook geruchten dat gagel libidoverhogend werkte en een hallucinerend effect had, hekserij en bierbrouwen stonden in die tijd niet ver van elkaar. In het kruidenboek van Dodoens uit 1644 stond dat gagelbier ‘het hoofd seer ontstelt ende den mensche seer haest droncken maeckt’.

Humulus lupulus Perlé

Na een lange strijd tussen de gruitheren en hophandelaren heeft hop het in 1516 van gagel gewonnen. Gagel werd vervangen door (vrouwelijke) hop, de houdbaarheid verbeterde ermee en dus kon bier ook langer/verder op transport. Sinds 1987 is gagel/gruitbier weer toegestaan door het Europese Hof en in ere hersteld, er wordt bier met hoge gisting van gebrouwen. Historici beweren dat op ons drassig/moerassig eiland Altena vroeger ook veel gagel groeide.

In de Middeleeuwen wist men dat drinken uit stilstaand water ziekten kon veroorzaken en alternatieven als koffie en thee waren er nog niet dus dronk men veel bier. Mede daardoor steeg de vraag naar hop want elke plaats had toen wel een kleine brouwerij, of een klooster waar bier gebrouwen werd. Vanaf de 14de eeuw wordt er in hoofdzaak met hop gebrouwen en in die periode zien we dan ook een flinke toename van de hopteelt in het Land van Altena. Vooral de stroomruggronden van ons rivieren gebied bleken zeer geschikt voor de hopteelt. Anders dan tegenwoordig werd in die tijd hop in zogenaamde hopkuilen geteeld. Dit zijn met mest gevulde kuilen waar drie of vier hoge houten palen tegen elkaar gezet worden en waar langs de hop omhoog groeit.

Hophof op Zuid

Op basis van de ‘Enqueste’ en ‘Informacie’ uit 1494 weten we meer over de hopteelt in het Land van Altena. Van de inwoners van het dorp Wijk (kern Wijk en Aalburg) weten we bijvoorbeeld dat ‘zy hem generen mit coomanscippe van hoppe’ en die uit Veen (kern Veen) zich bezighielden ‘met hop te teelen ende met lantelinge (landbouw)’. Aan het begin van de zestiende eeuw had nagenoeg elk huis uit Veen een hophof. Van de 570 morgen cultuurland in Veen werd er op 33,5 morgen hop geteeld. De herintroductie van de middeleeuwse en metershoge hopstaken is dus van grote historische waarde. Terwijl vanuit het oog van landschapsbeheer deze hophoven de biodiversiteit vergroten en het landschap aantrekkelijker maken.

Het is de ambitie van ‘Hop van Altena’ deze eeuwenoude traditie weer te doen herleven en de hopkuilen (zonder mesthoop) in het landschap te herintroduceren. Ze willen dit doen door in meerdere fases, met behulp van de inwoners, in iedere kern van de Gemeente Altena een hophof te realiseren en samen met de Altenaren hét bier van dit eiland te produceren met lokale bierbrouwers. De Perlé hopplanten komen van Altenase bodem, hun wordtels gaan wel 4 tot 5 meter diep en ze groeien 10 cm per dag. Op 21 juni, de langste dag, gaan ze ook opzijuit groeien.

Hop van Altena, Altenatuur, Brabants Landschap, Kookstudio Heerlijk en Eerlijk en Curio de Prinsentuin vormen de adviesraad van dit project.  Het wordt gesubsidieerd door o.a Provincie Noord-Brabant, gemeente Altena, Rabobank en Biesbosch Streekfonds. We zijn blij dat het Duyls Bos ook mag deelnemen aan dit mooie project, want zeg nou zelf een Duyls Dubbel of Bos’ Blondje hoe leuk zou dat zijn!

bronnen:
bosenbongers.nl/gagelbier/
eten-en-drinken.infonu.nl/bier-en-wijn/84927-bier-en-zijn-geschiedenis
eten-en-drinken.infonu.nl/bier-en-wijn/152019-verleden-en-heden-van-het-vrouwelijke-bierkruid-gagel
kennisinstituutbier.nl/geschiedenis
hopvanaltena

4 antwoorden op “Een hophof op Zuid”

  1. Wat een leuk en duidelijk filmpje over de hop. ik heb zelf ook hop in mijn achtertuin (al jaren!) en geniet van de groei( waarnaar toe weet ik niet altijd) en vind het prachtig om die bellen in het najaar te zien.
    Ooit een stekkie gekregen van iemand uit Oudendijk.
    Wat een bekijks zal “jullie” hop straks krijgen wanneer de mensen langs rijden.
    Veel succes ermee.

    1. Dankjewel voor je mooie compliment Jeanette. Hop is een sterke groeier die inderdaad overal heen gaat en je verrast met prachtige bellen.
      Wij hopen ook op een mooie hophof en later een mooie opbrengst zodat er gebrouwen kan worden. We houden je op de hoogte!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *